Rijkdom is nog geen ontwikkeling — Deel 2

Door Hans Ramsoedh

Deel 2 van 3

Waar Rudie Kross vooral de kwetsbaarheid van de staat en de maatschappelijke structuren blootlegt, stelt Maureen Silos in Onderontwikkeling is een keuze een andere, minstens zo ongemakkelijke vraag: in hoeverre wordt onderontwikkeling ook binnen de samenleving zelf in stand gehouden door keuzes en handelingspatronen die ontwikkeling belemmeren?

Silos is sociologe en werkte in de jaren tachtig bij het ministerie van Onderwijs als hoofd van de afdeling Planning. In 1997 promoveerde zij aan de University of California, Los Angeles, op Economics Education and the Politics of Knowledge in the Caribbean. Later richtte zij het Caribbean Institute for Environmental Communication and Sustainable Development / Human Rights op. Ook was zij directeur van stichting Moiwana ’86 en docent aan de Anton de Kom Universiteit van Suriname.

Silos’ centrale these

Onderontwikkeling is een keuze is een interdisciplinair en maatschappijkritisch betoog over de oorzaken van onderontwikkeling en de voorwaarden voor ontwikkeling. Silos verbindt de ontwikkeling van menselijke cognitie met maatschappelijke, politieke en economische structuren. Haar centrale gedachte is dat onderontwikkeling niet uitsluitend kan worden verklaard vanuit externe omstandigheden, zoals kolonialisme, buitenlandse afhankelijkheid of een gebrek aan financiële middelen. Ook de manier waarop mensen denken en handelen en de structuren die zij zelf in stand houden, spelen volgens haar een belangrijke rol.

Voor Suriname is vooral het derde deel van het boek van belang: De anatomie van onderontwikkeling. Daarin onderzoekt Silos waarom Suriname moeite heeft om rijkdom te produceren. Zij verbindt drie kenmerken met elkaar: het magisch-mythisch cognitieniveau, de commandodemocratie en de mercantilistische economie.

Het magisch-mythisch cognitieniveau

Met het magisch-mythisch cognitieniveau verwijst Silos naar een manier van denken waarin gebeurtenissen eerder vanuit magisch-mythische voorstellingen worden verklaard dan vanuit empirisch, analytisch en causaal denken. Voor ontwikkeling is het volgens haar noodzakelijk dat problemen worden onderzocht, dat naar oorzaken en gevolgen wordt gezocht en dat kennis en kritisch denken worden gebruikt om oplossingen te vinden. De manier waarop mensen de werkelijkheid begrijpen, beïnvloedt immers ook de manier waarop zij handelen.

De commandodemocratie

Het tweede element is de commandodemocratie. Suriname is formeel een democratie, maar volgens Silos kan de politieke cultuur worden gekenmerkt door sterke machts- en afhankelijkheidsrelaties, waarbij leiding en besluitvorming in belangrijke mate van bovenaf plaatsvinden. Burgers kunnen daardoor eerder geneigd zijn om voor oplossingen, voorzieningen en voordelen naar politieke leiders of de overheid te kijken. Voor Silos is dat problematisch omdat ontwikkeling juist vraagt om mensen die zelfstandig kunnen handelen, verantwoordelijkheid nemen en initiatief tonen. Democratie is in die visie meer dan periodiek stemmen; zij veronderstelt ook actieve burgers.

De mercantilistische economie

Het derde element is de mercantilistische economie. Silos gebruikt dat begrip voor een economie waarin handel, het verwerven en verdelen van goederen en geld centraal staan, terwijl onvoldoende nadruk ligt op het daadwerkelijk produceren van nieuwe waarde. Er kan veel geld circuleren zonder dat de productieve capaciteit in dezelfde mate groeit. Voor echte rijkdom zijn volgens haar productie, kennis, ondernemerschap, investeringen en innovatie nodig.

Een zichzelf versterkend systeem

De kracht van Silos’ analyse ligt vooral in de wisselwerking tussen deze drie elementen. Een bepaalde manier van denken beïnvloedt de manier waarop mensen handelen. De politieke cultuur kan afhankelijkheidsrelaties versterken, terwijl de economische structuur onvoldoende prikkels biedt om nieuwe rijkdom te produceren. Zo kunnen cognitie, politiek en economie elkaar versterken en een patroon vormen waarin onderontwikkeling zichzelf blijft reproduceren.

Daarmee krijgt het woord keuze betekenis. Onderontwikkeling is in haar analyse niet simpelweg iets wat een samenleving overkomt. Zij kan mede het gevolg zijn van patronen die mensen en instituties zelf creëren en in stand houden. Dat is een harde boodschap, maar tegelijk ook een hoopvolle. Want als onderontwikkeling mede door keuzes wordt voortgebracht, dan kunnen andere keuzes ook tot verandering leiden.

De vier delen van Silos’ boek ondersteunen die redenering. Het eerste formuleert haar these, het tweede biedt een cognitief en evolutionair fundament, het derde past de analyse toe op de maatschappelijke werkelijkheid en het vierde zoekt naar een wetenschappelijke weg om ontwikkeling mogelijk te maken. Daarmee probeert zij niet één schuldige aan te wijzen, maar een systeem te begrijpen.

Ook daarin ligt de actualiteit van haar werk. Wie alleen kijkt naar hoeveel rijkdom een land bezit, mist volgens deze benadering de kern. De doorslaggevende vraag is of een samenleving in staat is kennis, instituties, initiatief en productie zo te organiseren dat mogelijkheden werkelijk in ontwikkeling worden omgezet.